zaterdag 9 juli 2011
Chris
Er vlogen flarden van gesprekken en radio muziek het kunst-lokaal binnen. Ik had vanwege het goede weer alle ramen wagenwijd open gezet. Voor me op tafel lag een schetsboek. Met mijn vulpotlood tikte ik op tafel. Wat zou ik vandaag eens tekenen? Ik stond op en liep naar een van de open ramen. Met mijn ellebogen steunde ik op de vensterbank. Ik tuurde naar buiten. Naar de mensen op het gras. Mijn oog viel op Jade en haar vriendje. Ik vond Jade mooi, maar ze was belachelijk arrogant, hebberig en jaloers. Zo kwam ze over althans. Zelden zag ik haar glimlachen. Toch had ik een paar van die momenten gezien. Ik had zin om zo'n moment vast te leggen op papier. Ineens wist ik het en ging ik terug naar mijn schetsboek. Ik schetste wat grondvormen en begon vervolgens aan het echte werk. Ik probeerde Jade vast te leggen op papier, op de manier zoals ik haar in mijn hoofd had opgeslagen. Met een glimlach natuurlijk. Het was niet zo dat ik op Jade verliefd was overigens, ik vond haar gewoon mooi. Ik had mijn schets redelijk snel klaar. Deze wilde ik gaan doen met verf. Ik liep met mijn schets naar het kopieerapparaat en kopiƫerde het op een transparant vel. Vervolgens schoof ik het transparante vel onder een projector en vergrootte ik hem tot hij helemaal op het grootte vel paste dat ik klaar had gezet. Vanuit hier nam ik de lijnen over, wat vervelend werk was. Daarna kon ik aan de slag met de verf.
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten